Waarom ons brein niet is gemaakt om ons gelukkig te maken
Ons brein is gemaakt om te overleven, niet om gelukkig te zijn. Dat verklaart stress en mentale klachten.

Op 17 april 2025 verscheen in Tijdschrift voor Neuropsychologie een boekbespreking over De bacterie en het brein van Iris Sommer. De bespreking laat zien dat hersengezondheid niet alleen in je hoofd begint, maar ook in je darmen. Het gaat over een groeiend onderzoeksveld waarin darmbacteriën, het afweersysteem en het brein met elkaar in gesprek blijken te zijn.
Deze blik past goed bij Brain Awareness Week, die elk jaar in maart wereldwijd aandacht vraagtvoor breingezondheid. In communicatie rond deze week wordt benadrukt dat breingezondheid niet alleen “iets medisch” is, maar ook te maken heeft met dagelijkse keuzes en omstandigheden die bepalen hoe scherp en veerkrachtig je je voelt.
De kern is simpel: wat er in je darmen gebeurt, kan invloed hebben op hoe je mentaal functioneert.
In je darmen leven enorme aantallen micro organismen, zoals bacteriën. Samen noemen we dat het microbioom. Je kunt het zien als een druk ecosysteem dat meehelpt bij vertering, afweer en het maken van bepaalde stoffen.
Met de term darmbrein as bedoelen onderzoekers de verbinding tussen je darmen en je brein. Het is geen letterlijk touwtje, maar een netwerk van routes. Signalen kunnen bijvoorbeeld lopen via zenuwen, via hormonen, via stoffen die bacteriën maken, en via het afweersysteem.
Dr. Yvonne Groen is universitair hoofddocent psychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Op 17 april 2025 schreef zij in Tijdschrift voor Neuropsychologie een boekbespreking over De bacterie en het brein van Iris Sommer. Dat is relevant, omdat Groen meteen duidelijk maakt dat het beeld van bacteriën aan het kantelen is. “De bacterie is niet enkel meer een gemene ziekmaker, maar juist ook een bondgenoot voor gezondheid.”
Dit is een belangrijk vertrekpunt. Veel mensen denken bij bacteriën nog vooral aan infecties. Maar het microbioom bestaat ook uit bacteriën die helpen om je darmen rustig te houden, die meepraten met je afweer, en die stoffen produceren die elders in het lichaam effect kunnen hebben.
Dr. Yvonne Groen, universitair hoofddocent aan de Rijksuniversiteit Groningen, beschrijft in haar bespreking ook waarom dit onderwerp nu ineens zo groot is. Ze legt uit dat nieuwe meetmethoden het mogelijk maakten om veel preciezer te zien welke bacteriën er in de darm leven. Dat is relevant, omdat de wetenschap daardoor veel sneller verbanden kon onderzoeken tussen darmbacteriën en gezondheid. “Sinds de ‘RNA sequencing’ techniek in de 21ste eeuw gangbaar en betaalbaar werd, heeft het onderzoek naar bacteriën een enorme vlucht genomen.”
Wat betekent dit in gewone taal? Onderzoekers kunnen met moderne technieken het erfelijkmateriaal van bacteriën in kaart brengen. Daardoor zien ze beter welke bacteriën aanwezig zijn, en hoe divers die groep is. En diversiteit is een sleutelwoord: een gevarieerd microbioom wordt vaak gezien als gunstig, al is het nog niet altijd duidelijk wat oorzaak is en wat gevolg.
Het boek van Iris Sommer en de bespreking van Groen gaan over communicatie in meerdere richtingen. Het brein beïnvloedt de darmen bijvoorbeeld via stress. En de darmen beïnvloeden het brein via verschillende paden.
Een bekend pad is de nervus vagus, een grote zenuw die signalen tussen buik en hersenen doorgeeft. Daarnaast speelt het afweersysteem een grote rol. Als de darmwand geïrriteerd raakt, of als er veel ontstekingsactiviteit is, kan dat via afweerstoffen impact hebben op het brein. Ook kunnen bacteriën stoffen maken, zoals korte keten vetzuren, die op meerdere plekken in het lichaam effect kunnen hebben.
Belangrijk om te weten: dit betekent niet dat “alles in de darm zit” of dat mentale klachten simpel op te lossen zijn via voeding of supplementen. Het betekent wel dat het brein en het lichaam één systeem vormen, en dat de grens tussen “lichamelijk”en “mentaal” minder strak is dan we lang dachten.
Hoe Groen de toon van het boek beschrijft: toegankelijk én voorzichtig
Dr. Yvonne Groen, universitair hoofddocent aan de Rijksuniversiteit Groningen, beoordeelt niet alleen de inhoud, maar ook de manier waarop Sommer wetenschap uitlegt. In de boekbespreking beschrijft Groen dat Sommer begrijpelijk schrijft en tegelijk de nuance bewaakt. Dat is relevant, omdat dit onderwerp snel kan doorschieten naar hype of te stellige beloftes. “Ze maakt een knappe vertaalslag, blijft genuanceerd wetenschappelijk en stelt nieuwsgierige vragen die je aan het denken zetten.”
Die nuance is cruciaal. Veel studies laten verbanden zien, bijvoorbeeld tussen een bepaalde samenstelling van darmbacteriën en depressieve klachten. Maar een verband is nog geen bewijs van oorzaak. Soms beïnvloedt stress de darmflora. Soms beïnvloedt de darmflora stress. En vaak spelen beide kanten tegelijk mee, samen met slaap, beweging, sociale omgeving en werkdruk.
In de boekbespreking staat dat Sommer de relatie tussen darmbacteriën, lichamelijke gezondheid en brein beschrijft vanaf de geboorte tot en met normale veroudering. Daarbij komen veel thema’s voorbij, zoals ontwikkeling, persoonlijkheid, depressie en angst, en ook aandoeningen waarbij hersencellen langzaam achteruitgaan.
Dit is vooruitstrevend, omdat het laat zien dat breingezondheid een levensloop onderwerp is. Je brein verandert doorlopend, en je microbioom verandert ook. Denk aan de eerste bacteriën die je als baby meekrijgt, aan voeding in de kindertijd, aan stress in een drukke levensfase, en aan veranderingen door veroudering.
Dr. Yvonne Groen, universitair hoofddocent aan de Rijksuniversiteit Groningen, beschrijft dat Sommer eindigt met een duidelijk signaal richting zorg en wetenschap. Groen noemt dat relevant, omdat voeding vaak nog los staat van gesprekken over mentale gezondheid, terwijl het microbioom voeding nodig heeft om te functioneren. “Ze besluit met een pleidooi voor meer aandacht voor voeding in de zorg.”
Voeding is in dit verhaal geen “magische oplossing”, maar een basisvoorwaarde voor je darmecosysteem. Bacteriën leven van wat er binnenkomt. Sommige soorten doen het beter op vezels uit groente, fruit, peulvruchten en volkorenproducten. Andere soorten groeien juist bij een eenzijdig eetpatroon. Dat kan weer invloed hebben op stoffen die in de darm worden gemaakt en op prikkels voor het afweersysteem.
Dr. Yvonne Groen, universitair hoofddocent aan de Rijksuniversiteit Groningen, benoemt expliciet waarom deze kennis relevant is voor het vakgebied neuropsychologie. In haar bespreking verbindt ze het microbioom aan de praktijk van hersengezondheid. Dat is relevant, omdat het laat zien dat een “breinonderwerp” soms ook buiten het brein begint. “Voor neuropsychologen is deze kennis relevant vanwege het besef dat gezondheid van de hersenen deels in de darm begint.”
Voor werkgevers en organisaties kan dit ook een nieuw perspectief geven. Niet omdat werk “de darm” moet oplossen, maar omdat stress, roosters, pauzes en herstel invloed hebben op het hele systeem. Als breingezondheid breder is dan alleen praten over mentale klachten, dan hoort leefstijl en werkomgeving daar ook bij.
Dr. Yvonne Groen, universitair hoofddocent aan de Rijksuniversiteit Groningen, schrijft dat er bij neurologische aandoeningen mogelijk redenen zijn om vroeg ook naar leefstijl en voeding te kijken. Ze noemt dat in de context van verwijzen en samenwerken tussen disciplines. Dat is relevant, omdat het laat zien hoe onderzoek stap voor stap kan doorsijpelen naar preventie. “Het kan daarom lonen om in een vroeg stadium door te verwijzen naar diëtetiek.”
Vooruitkijkend zie je dat onderzoekers steeds vaker praten over gerichte beïnvloeding van het microbioom. Denk aan gepersonaliseerde voeding, specifieke probiotica, of combinaties van leefstijl en begeleiding. In de wetenschap wordt ook gekeken naar zogeheten psychobiotica, bacteriestammen die mogelijk effect hebben op stress en stemming. Tegelijk is de boodschap steeds: bewijs in mensen is nog wisselend, en de beste aanpak kan per persoon verschillen.
Ook technieken zoals ontlastingtransplantatie worden onderzocht als hulpmiddel om oorzaak en gevolg beter te begrijpen. Dat helpt de wetenschap, maar het veld worstelt nog met verschillen in methode en met vragen over veiligheid en langetermijn effecten. Daarom is voorzichtigheid hier extra belangrijk, zeker buiten onderzoekscontext.
De meest vooruitstrevende stap is misschien wel deze: breingezondheid wordt steeds meer een systeemvraag. Niet alleen “wat gebeurt er in het hoofd”, maar ook “wat gebeurt er in slaap, stress, voeding, darmen, afweer, sociale omgeving en werk”.
Dit onderwerp past bij het idee dat preventie structureel en toegankelijk moet zijn. Als breingezondheid beïnvloed wordt door een samenspel van lichaam, omgeving en leefstijl, dan helpt het wanneer mensen daar samen taal voor krijgen. In een veilige groep ervaringen delen en herkenning vinden kan drempels verlagen, juist bij onderwerpen waar snel schaamte op zit, zoals stress, vermoeidheid of somberheid. En omdat werk voor veel mensen een groot deel van het leven bepaalt, kan de werkvloer een logische plek zijn waar breingezondheid begrijpelijk en laagdrempelig op de kaart komt.
Bronvermelding APA
Groen, Y.(2025, 17 april). De bacterie en het brein: De invloed van je darmflora op de gezondheid van je hersenen (Boekbespreking). Tijdschrift voor Neuropsychologie, 20(1). https://doi.org/10.5553/NP/187113912025020001006
Sommer, I.(z.j.). De bacterie en het brein: De invloed van je darmflora op de gezondheid van je hersenen. Atlas Contact.
Dit artikel is tot stand gekomen met behulp van AI en zorgvuldig geredigeerd door de redactie van #SAM. We geloven dat AI een waardevol hulpmiddel is om wetenschappelijke kennis toegankelijker te maken voor een breder publiek. Door complexe rapporten te vertalen naar begrijpelijke taal, maken we belangrijke inzichten over preventie beschikbaar voor iedereen, ongeacht opleidingsniveau of achtergrond.
Dit verandert niets aan de inhoud of de waarde van het oorspronkelijke onderzoek. Integendeel: het helpt om de kern en relevantie ervan beter zichtbaar te maken. Onze rol bij #SAM is dan ook om relevant onderzoek op te sporen en te zorgen dat dit bij de juiste persoon terechtkomt, op een manier die aansluit bij hun leefwereld.
We streven naar heldere uitleg, rijk aan voorbeelden en ondersteund met bronverwijzingen, visuals en praktisch toepasbare inzichten. Zo vergroten we samen de bewustwording over gezondheid en maken we preventie écht bereikbaar en begrijpelijk voor iedereen. We werken doorlopend aan het verbeteren van de instructies voor het model.
Heb je tips? Mail ronald@hashtagsam.nl


Ons brein is gemaakt om te overleven, niet om gelukkig te zijn. Dat verklaart stress en mentale klachten.

Slaap is essentieel voor hersengezondheid en helpt cognitieve achteruitgang voorkomen.

Onderzoek laat zien: welzijn ontstaat in verbinding. Sociale verbondenheid is geen bijzaak, maar essentieel voor preventie