Een nieuwe richtlijn voor werk-privébalans, wat betekent dat?

26 januari 2026
-

Verschenen in Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde.

De richtlijn is opgesteld door Teddy Oosterhuis, Wendel Post en Daantje Derks, in opdracht van de NVAB. Aanleiding voor de herziening was nieuw wetenschappelijk onderzoek én een veranderde kijk op wat werk-privébalans eigenlijk is. Niet de hoeveelheid werk of zorgtaken staat centraal, maar hoe mensen hun balans zelf ervaren.

In deze blog leggen we uit wat er nieuw is in deze richtlijn, waarom preventie zo’n belangrijke rol speelt en wat dit betekent voor werkgevers en werkenden.

Werk-privébalans draait om beleving, niet om uren

Een belangrijke verandering in de richtlijn is de manier waarop werk-privébalans wordt gedefinieerd. Teddy Oosterhuis, richtlijn methodoloog bij de NVAB, licht toe dat het niet gaat om objectieve belasting alleen. In de richtlijn schrijven de auteurs dat “niet zozeer de interferentie tussen werk en privé stress veroorzaakt, maar vooral de subjectieve ervaring daarvan” (Oosterhuis, NVAB). Daarom kiest de nieuwe richtlijn voor tevredenheid als uitgangspunt.

Werk-privébalans bestaat volgens de auteurs uit twee onderdelen. Enerzijds gaat het om de cognitieve kant, namelijk in hoeverre iemand het gevoel heeft te voldoen aan de eisen van werk en privé. Anderzijds is er de affectieve kant, de positieve of negatieve gevoelens die daarbij horen.

Deze benadering sluit aan bij wat veel mensen herkennen. Twee personen kunnen exact hetzelfde werk doen en toch een totaal andere balans ervaren.

Preventie krijgt een centrale plek

Een groot deel van de herziene richtlijn gaat over preventie. Wendel Post, arbeidshygiënist en health officer PMO, benadrukt dat voorkomen beter is dan genezen. In het artikel staat dat “de aanbevelingen zijn herzien en uitgebreid op basis van recente literatuur, met extra aandacht voor preventieve maatregelen” (Post, NVvA).

Preventie begint volgens de richtlijn op organisatie- en teamniveau. Denk aan flexibel werken, resultaatgericht werken en het samen verbeteren van werkprocessen. Ook zelfroostering en aanpassing van ploegendiensten worden genoemd als mogelijke interventies.

Belangrijk is dat deze maatregelen niet top-down worden opgelegd, maar in overleg met werkenden worden vormgegeven. Dat vergroot de kans dat ze daadwerkelijk bijdragen aan een betere balans.

Werk-privébalans als onderdeel van arbobeleid

De richtlijn koppelt werk-privébalans nadrukkelijk aan bestaand arbobeleid. Zo wordt geadviseerd om het onderwerp structureel mee te nemen in de risico-inventarisatie en -evaluatie. Daarnaast krijgt het preventief medisch onderzoek een bredere rol.

Daantje Derks, universitair hoofddocent arbeids- en organisatiepsychologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, beschrijft dat “in een PMO of PAGO instrumenten kunnen worden ingezet die vroegtijdig signalen van verstoring van de werk-privébalans zichtbaar maken” (Derks, ErasmusUniversiteit).

Voorbeelden hiervan zijn vragenlijsten over herstelbehoefte, distress en de balans tussen werk en niet-werk. Nieuw is ook de aanbeveling om werkenden actief te informeren dat zij met zorgen over hun werk-privébalans terecht kunnen bij het arbeidsomstandigheden spreekuur.

Individuele begeleiding als volgende stap

Wanneer preventieve maatregelen op organisatieniveau niet voldoende zijn, kan individuele begeleiding worden ingezet. De richtlijn noemt als eerste interventie begeleiding gericht op werk-privé verrijking. Dit betekent dat mensen leren hoe energie en vaardigheden uit het werk ook helpend kunnen zijn in hun privésituatie, en andersom.

In de richtlijn wordt beschreven dat “deze begeleiding zich richt op het herkennen en benutten van hulpbronnen” (Oosterhuis etal., NVAB). Daarnaast worden mindfulness trainingen genoemd en, voor specifieke groepen zoals ploegendienst werkers, leefstijltrainingen waarbij ook een naaste kan worden betrokken.

Thuiswerken vraagt om extra aandacht

Een opvallend nieuw onderdeel van de richtlijn is de aparte module over thuiswerken. Sinds de pandemie is thuiswerken voor veel mensen normaal geworden, maar de effecten op werk-privébalans verschillen sterk.

Volgens de auteurs kan thuiswerken zowel een verbetering als een verslechtering betekenen. In de richtlijn staat dat “er individuele verschillen zijn in de ervaren werk-privébalans bij thuiswerken” (Post et al., NVvA). Daarom is maatwerk essentieel.

De richtlijn adviseert leidinggevenden en bedrijfsartsen om regelmatig met werkenden in gesprek te gaan over voorkeuren, grenzen en autonomie. Ook praktische randvoorwaarden, zoals een goede werkplek en duidelijke afspraken over bereikbaarheid, krijgen expliciet aandacht.

Waarom deze richtlijn zo belangrijk is

De herziening van de richtlijn laat zien dat werk-privébalans geen privéprobleem is, maar een gedeelde verantwoordelijkheid van werkgevers en werkenden. Door de focus te verleggen naar beleving, preventie en dialoog sluit de richtlijn beter aan bij de werkelijkheid van vandaag.

Voor #SAM is dit een belangrijk uitgangspunt. Wij zien dagelijks hoe structurele aandacht voor welzijn, in een veilige en toegankelijke setting, mensen helpt om regie te nemen over hun leven. Werk-privébalans gaat niet alleen over minder stress, maar over ruimte om te herstellen, te verbinden en duurzaam inzetbaar te blijven. Juist omdat bijna tien miljoen Nederlanders een werkgever hebben, ligt hier een enorme kans om preventie écht schaalbaar en bereikbaar te maken.

APA-bronvermelding

Oosterhuis, T., Post, W., & Derks, D. (2024). RichtlijnWerk-privébalans: Herziening biedt preventieve maatregelen en modulethuiswerken. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde,32(1), 42–45. https://doi.org/10.1007/s12498-023-2464-4

Dit artikel is tot stand gekomen met behulp van AI en zorgvuldig geredigeerd door de redactie van #SAM. We geloven dat AI een waardevol hulpmiddel is om wetenschappelijke kennis toegankelijker te maken voor een breder publiek. Door complexe rapporten te vertalen naar begrijpelijke taal, maken we belangrijke inzichten over preventie beschikbaar voor iedereen, ongeacht opleidingsniveau of achtergrond.

Dit verandert niets aan de inhoud of de waarde van het oorspronkelijke onderzoek. Integendeel: het helpt om de kern en relevantie ervan beter zichtbaar te maken. Onze rol bij #SAM is dan ook om relevant onderzoek op te sporen en te zorgen dat dit bij de juiste persoon terechtkomt, op een manier die aansluit bij hun leefwereld.

We streven naar heldere uitleg, rijk aan voorbeelden en ondersteund met bronverwijzingen, visuals en praktisch toepasbare inzichten. Zo vergroten we samen de bewustwording over gezondheid en maken we preventie écht bereikbaar en begrijpelijk voor iedereen. We werken doorlopend aan het verbeteren van de instructies voor het model.

Heb je tips? Mail ronald@hashtagsam.nl

Deel deze post
Ronald Mets
Co-founder

Bekijk ook onze andere blogs

Het groeiende belang van sociale verbondenheid voor onze mentale gezondheid

Onderzoek laat zien: welzijn ontstaat in verbinding. Sociale verbondenheid is geen bijzaak, maar essentieel voor preventie

Pijltje rechts

Waarom preventie pas werkt als we het structureel samen organiseren

Preventie werkt pas echt als we opschalen, gedrag centraal zetten en structureel samenwerken in zorg, werk en leefwereld.

Pijltje rechts

Levensgebeurtenissen onder de loep

Life events raken gezondheid; sociale steun beschermt kwetsbare mensen, ook in en rond het werk.

Pijltje rechts
Bekijk alle blogs